Crisisjeugdhulp

Soms loopt alles plots mis. Wie in een crisis belandt, geraakt overstuur, in de war, in paniek, in shock… Hulp is dan meestal dringend nodig. Hulpverleners zoeken samen met de betrokkenen zo snel mogelijk een oplossing. De crisis is dan een aanknopingspunt voor verdere begeleiding en verandering. Het is op zo een moment belangrijk dat er een oplossing wordt gezocht zodat de situatie niet verergert.

De meeste crisissituaties worden opgevangen in de dagelijkse werking van hulporganisaties. Soms lukt dit niet, is de hulpverlener ten einde raad of is er meer nodig dan wat hij kan bieden. Biedt de reguliere hulp geen antwoord, dan is er een programma crisisjeugdhulp.

Crisisnetwerken

In Vlaanderen bundelen organisaties hun krachten in crisisnetwerken voor kinderen en jongeren in acute noodsituaties. Er zijn drie vormen van crisisjeugdhulp: crisisinterventie, crisisbegeleiding en crisisverblijf. De crisisnetwerken zijn niet-rechtstreeks toegankelijk, de aanmelding gebeurt via een hulpverlener bij de crisismeldpunten.

Meer weten? Bekijk de rubriek Aanbod in het algemene luik.

Wanneer de dagelijkse werking van hulporganisatie niet voldoet en meer ondersteuning nodig is, kan een overleg met een crisismeldpunt geregeld worden. De jongere en hun ouder(s) kunnen ook rechtstreeks contact opnemen met het crisismeldpunt.

Het meldpunt zoekt samen met de aanmelder gepaste hulp in de eigen omgeving van de jongere. Lukt dit niet, wordt beroep gedaan op en programma crisisjeugdhulp en een programma crisis van de geestelijke gezondheidszorg.

De meldpunten zijn georganiseerd volgens de regio's en zijn 24/24 7/7 bereikbaar:
 

Het hulpprogramma crisishulp bestaat uit het gecoördineerd inzetten van de volgende opdrachten:

  • centraal permanent crisismeldpunt, georganiseerd per regio;
  • ambulante en/of mobiele crisisinterventie;
  • ambulante en/of mobiele crisisbegeleiding;
  • crisisopvang: tijdelijk in voorziening jeugdhulp of een pleeggezin Crisisopvang via crisispleegzorg.

Het meldpunt biedt ook telefonisch consulten aan.

Procesverloop

Schema procesverloop crisisjeugdhulp.

Als een hulpverlener, magistraat of dienstverlener een crisissituatie wil aanmelden of meer informatie wenst in de omgang met een crisissituatie, kan hij telefonisch terecht bij de regionale crisismeldpunten.

Daarbij gelden een aantal belangrijke regels:

  • de aanmelder is een belangrijke partner voor het crisisnetwerk. Er wordt gevraagd dat hij mee aanwezig blijft en mee naar oplossingen zoekt (steeds binnen de grenzen van de eigen werkopdracht);
  • de aanmelder informeert de kinderen en jongeren, ouders en/of opvoedingsverantwoordelijken over de aard van de crisishulp;
  • het crisisnetwerk kan enkel ingeschakeld worden indien het cliëntsysteem bereid is om in gesprek te gaan;
  • jongeren die in een residentiële setting verblijven, kunnen geen beroep doen op het crisisnetwerk.

Rechtstreekse aanmelding

Een aanmelding via een hulp-of dienstverlener heeft altijd de voorkeur. Deze persoon kan het beste inschatten of een aanmelding bij het meldpunt de juiste keuze is omdat hij het dichtst bij de jongere en zijn ouder(s) staat. Rechtstreeks contact met het meldpunt is mogelijk als er tijdens een crisissituatie geen hulp- of dienstverlener ingeschakeld kan worden.

Het meldpunt bekijkt de situatie met de jongere en zijn ouder(s). Als de situatie onveilig is, stelt het contact met de politie voor. Wordt crisishulp effectief ingeschakeld, dan wordt de betrokken hulpverlening zo snel mogelijk gecontacteerd. Is die er niet, dan kijkt het meldpunt binnen de brede instap of de ruimere rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp wie de rol van aanmelder (en dus de zoektocht naar vervolghulp) het best kan opnemen. Eventueel kan het meldpunt zich laten bijstaan door de partners crisisinterventie om tijdens het proces van vraagverheldering de situatie ter plaatse in te schatten.

Vaak kan men een crisismoment op voorhand inschatten. De hulp- of dienstverlener bereidt de jongere en zijn ouder(s) zo goed mogelijk voor. Kan een collega in zijn plaats het op zich nemen? Is er een andere dienst die niet gesloten is? Zou de jongere zich niet beter tot de politie wenden?  In sommige situaties is het aangewezen dat de jongere het nummer van het crisisnetwerk heeft. De hulpverlener bezorgt dit samen met de nodige informatie over de werking van het crisisnetwerk. Bij voorkeur is er op voorhand overleg met het crisismeldpunt zodat er snel en gepast gereageerd kan worden als de jongere contact opneemt.

Contactgegevens

Regio Antwerpen

03 609 57 57

Regio Limburg

089 70 03 70

Regio Oost-Vlaanderen

09 265 04 90

Regio Vlaams-Brabant

078 05 00 38

Regio Brussel

02 209 16 36

Regio West-Vlaanderen

050 33 77 40

De werkingsprocessen van het crisisnetwerk en het crisismeldpunt worden toegelicht in de werkingsprocessen crisisjeugdhulp. Ze zijn geschreven vanuit het perspectief van het meldpunt. De werkmap Integrale Jeugdhulp en de verschillende nota’s met afspraken en richtlijnen die daarop volgden, vormen de basis.

Inhoudelijk referentiekader

Het inhoudelijk referentiekader crisisjeugdhulp beschrijft wat de jongere mag verwachten van de intersectorale typemodules voor crisis. Daarnaast wordt het concept 4e B geïntroduceerd en omschreven: een minimale begeleiding wanneer een module crisisverblijf niet met een module crisisbegeleiding wordt gecombineerd.

Overzichtsnota

De Vlaamse overzichtsnota crisisjeugdhulp gaat dieper in op de positionering van de crisisjeugdhulp ten opzichte van de toegangspoort en de gemandateerde voorzieningen. De rechtstreekse aanmelding door jongeren en hun ouder(s) bij het crisisnetwerk komt ook aan bod.

Nota crisisjeugdhulp en magistratuur

Voor aanmeldingen vanuit de magistratuur is er een afspraken nota ‘crisisjeugdhulp – magistratuur’. Hierin staat de ook dat het CAP (Centraal Aanmeld- en informatiepunt) en het team jeugdhulpregie binnen de intersectorale toegangspoort kunnen aanmelden via de procedure hoogdringendheid.

Uitbreidingsbeleid

Publicaties

Contact

Vragen over crisisjeugdhulp? Neem contact op met Stijn Beirens, stafmedewerker van de afdeling Continuïteit en toegang.