Contact  |

Jeugdbescherming

Wat?

De ondersteuningscentra jeugdzorg (OCJ) en de sociale diensten jeugdrechtbank (SDJ) hebben het maatschappelijk mandaat om tussen te komen in verontrustende situaties. De maatschappelijke noodzaak van hulp staat steeds in functie van de ontplooiingskansen en de veiligheid van de minderjarige. Het gaat niet over de vraag of hulp nodig is tout court, maar of hulp noodzakelijk is om de ontplooiingskansen en veiligheid van de jongere te waarborgen door een overheidsinterventie.

Centraal aandachtspunt is de veiligheid van het kind of de jongere. Dat gaat om meer dan alleen de onmiddellijke fysieke veiligheid. Veiligheid verwijst naar de minimale voorwaarden waaronder een minderjarige gezond en wel, in welzijn, kan ontwikkelen. Veiligheid kent bovendien verschillende gradaties. Het behoort tot de opdracht van OCJ en SDJ om de ontplooiingskansen en veiligheid van een minderjarige te waarborgen en hem te beschermen tegen toekomstige onveiligheid.

Hoe?

De consulent OCJ of SDJ heeft vanuit zijn maatschappelijke mandaat een specifieke rol:

  • hij brengt het maatschappelijk perspectief binnen;
  • hij wil de minderjarige en zijn gezin engageren om samen op weg te gaan.

De consulenten komen vaak tussen waar anderen niet meer verder kunnen. Ze creëren hoop en kansen voor een toekomst, ook in risicovolle situaties. Hiervoor zetten ze volop hun expertise, deskundigheid en maatschappelijk engagement in. De consulenten werken samen met de kinderen, jongeren en hun gezinnen, betrekken en mobiliseren hun netwerk en schakelen - indien nodig - professionele hulp in. Dit alles gebeurt op een oplossings- en toekomstgerichte manier.

De minderjarige, ouders, opvoedingsverantwoordelijken en netwerk zijn actieve gesprekspartners: er wordt met hen in gesprek gegaan. Zo voelen ze zich betrokken, gehoord en erkend in het traject. Kinderen, jongeren en ouders hebben medezeggenschap. Ze ervaren een samen op weg zijn. Open verslaggeving speelt daarbij een belangrijke rol. Dat geeft de minderjarige en zijn ouders zicht op het dossier en op de informatie-uitwisseling met andere betrokkenen. Ze ervaren dat er, met respect voor hen en in de taal van het gezin, samen gezocht wordt naar woorden en betekenisgeving.

Jongeren en ouders zijn ook betrokken in het beslissingsproces. Ze begrijpen waarom de consulent bezorgd is en waarom bepaalde beslissingen zijn genomen, ook beslissingen waarmee ze niet onmiddellijk akkoord gaan. De doelstellingen zijn duidelijk. De jongere en ouders ervaren openheid doorheen het traject. Ze krijgen de hulp die - zo goed mogelijk - aansluit bij wat ze nodig hebben.

Voor wie?

  • jeugdhulpaanbieders die vragen hebben bij het omgaan met verontrusting (consult);
  • kinderen en jongeren in verontrustende situaties waarbij het vermoeden van maatschappelijke noodzaak is bevestigd;
  • kinderen en jongeren in verontrustende situaties, in opdracht van de jeugdrechter;
  • jongeren die een delict hebben gepleegd.

Door wie?

Rol en positie van de consulenten

Vanuit hun specifiek mandaat (tussenkomen in verontrustende situaties) gaan de medewerkers van de afdeling Ondersteuningscentra en sociale diensten jeugdrechtbank tot het uiterste om - samen met kinderen, jongeren, ouders en opvoedingsverantwoordelijken, hun netwerk en al dan niet professionele hulp -, mee hoop te creëren voor de toekomst opdat kinderen en jongeren veilig en omringd kunnen opgroeien, nu en op langere termijn.

De rol en positie van de afdeling en dus het werkveld van de consulenten wordt mogelijk gemaakt, maar ook begrensd, door het decreet Integrale jeugdhulp en het decreet Jeugddelinquentierecht.

De maatschappelijke noodzaak van hulp wordt steeds bekeken in functie van de ontplooiingskansen en veiligheid van de minderjarige. De vraag is dus niet of hulp nodig is tout court, maar wel of hulp noodzakelijk is om de ontplooiingskansen en veiligheid van de jongere te waarborgen door een overheidsinterventie.

Dat geeft de consulent een specifieke rol:

  • het binnenbrengen van het maatschappelijk perspectief;
  • het engageren van de minderjarige en zijn gezin om samen op weg te gaan.

Het is een blijvende zoektocht hoe deze rol en bijhorende positie eruit moeten zien en in de dagelijkse praktijk worden ingevuld.

Het doel: de veiligheid van het kind

De veiligheid van het kind of de jongere staat centraal. Veiligheid is meer dan alleen de onmiddellijke fysieke veiligheid. Veiligheid verwijst ook naar de minimale voorwaarden voor een minderjarige om gezond en wel, in welzijn, te ontwikkelen. Veiligheid kent bovendien verschillende gradaties die steeds in relatie staan met maatschappelijk noodzakelijke interventies. Het behoort tot de opdracht van de consulenten om de ontplooiingskansen én integriteit (= ruime definitie van veiligheid) van een minderjarige te waarborgen en hem te beschermen tegen toekomstige onveiligheid.

Oplossingsgericht en krachtgericht werken

De keuze voor het oplossingsgericht werken en de implementatie van Signs of Safety maken duidelijk hoe de afdeling zijn maatschappelijk mandaat wil benaderen en methodisch waarmaken. Deze keuze vraagt een andere manier van werken en vooral een andere manier van denken. Het aangaan van een constructieve werkrelatie met jongeren, ouders en netwerk, maakt het verschil. De consulenten nemen niet over, zij beschouwen hen als actieve partners in het traject. Binnen het maatschappelijk mandaat wordt ingezet op en aangesloten bij de aanwezige krachten, al ligt de focus wel op het veilig opgroeien van de minderjarige.

Jeugdhulp is slechts een hoofdstuk in het leven van de kinderen, jongeren en gezinnen. Om duurzame veiligheid te kunnen installeren voor kinderen en jongeren, is de kracht van een netwerk onontbeerlijk. Dat alleen kan zorgen voor veiligheid en welzijn op langere termijn. Zo krijgt ‘jeugdbescherming’ een andere, meer krachtgerichte, empowerende, oplossingsgerichte en toekomstgerichte invulling.

Meer weten?

De ondersteuningscentra jeugdzorg en de sociale diensten jeugdrechtbank nemen een eigen positie in binnen het jeugdhulplandschap, omwille van hun maatschappelijk mandaat. De visietekst schept hierover duidelijkheid: in de eerste plaats voor henzelf, maar ook voor de doelgroep en voor andere actoren of samenwerkingspartners binnen het jeugdhulpverleningslandschap en daarbuiten.

Neem ook een kijkje bij de rubriek Verontrusting.