Verblijf in een voorziening

Wat?

Soms kan een kind of jongere niet thuis blijven. Dan kan hij verblijven op een plaats die het gezinsleven (tijdelijk) vervangt. De overnachting gaat altijd gepaard met een vorm van begeleiding voor het gezin en het netwerk. Afhankelijk van de vraag en ondersteuningsnood is het verblijf kortdurend, langdurig of onderbroken.

Sommige voorzieningen zijn gericht op kinderen en jongeren met een (vermoeden van) handicap, andere eerder op kinderen en jongeren met opvoedings- en gezinsproblemen. In crisissituaties kan eveneens een kortdurend verblijf in een voorziening of gezin nodig zijn.

Voor wie?

Kinderen en jongeren met opvoedings- en gezinsproblemen, kinderen en jongeren met een (vermoeden van) handicap die niet thuis kunnen verblijven.

Hoe?

Verblijf valt grotendeels onder de niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp. Omdat het heel ingrijpend is om niet thuis te kunnen verblijven, bekijkt de intersectorale toegangspoort of de vraag wenselijk en noodzakelijk is. Een hulpverlener moet de vraag stellen voor het kind of de jongere, deze kan dit dus niet zelf aanvragen. Crisisverblijf is dan weer enkel mogelijk op verwijzing door een crisismeldpunt.

Enkel voor een kortdurend verblijf van jonge kinderen en van kinderen en jongeren met een (vermoeden van) handicap, kan de aanvraag zelf gebeuren bij een voorziening. Dit is de zogenaamde rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp.

Door wie?